In vijf stappen bak je kip krokant vanbuiten en mals vanbinnen

Kipfilet is, zoals de bekende slogan luidt, een erg veelzijdig stukje vlees. Je kunt het in veel gerechten gebruiken en op allerlei manieren bereiden. Er ligt alleen één gevaar op de loer: dat je kip te droog wordt tijdens het bakken. Gelukkig kun je dat makkelijk voorkomen en blijft je stukje vlees lekker mals. Laten we beginnen!

Stap 1: kwaliteit

Er zijn een aantal dingen waar je op moet letten als je een malse kipfilet wilt bakken. Het begint allemaal met de kwaliteit van de kip. Een ‘kiloknaller’ bevat veel water, een hoop dierenleed en relatief weinig smaak. Kip van de slager of de biologische variant uit de supermarkt zijn betere opties. Bewaar het vlees in de koelkast en haal hem er een half uur voor het bereiden uit, dan kan hij op kamertemperatuur komen. Dep de kipfilet ook nog even droog met een stukje keukenpapier voor het bakken.

Stap 2: platslaan

We blijven nog even bij de voorbereidingen, want daarin kun je al heel wat stappen ondernemen om een mals stukje kip op tafel te zetten. De kip platslaan helpt bijvoorbeeld om ‘m malser te krijgen. Bedek de kip met wat bakpapier of vershoudfolie en geef een paar flinke klappen. Gebruik hiervoor een deegroller of vleeshamer (of iets anders zwaars). Op deze manier komen de vezels in de kipfilet ‘in beweging’ waardoor hij malser wordt.

Stap 3: kruiden

Na het plat slaan is het tijd om wat kruiden toe te voegen. Je kip marineren kan er namelijk ook voor zorgen dat-ie lekker mals wordt. Bij voorkeur doe je dit al een dag van tevoren, dan kunnen de smaken er goed intrekken. Je kunt eindeloos variëren met kruiden, dus kies vooral iets wat jij lekker vindt. Ten voorbeeld geven we een aantal lekkere combinaties. Maak een marinade van ketjap, knoflook, verse (rode) peper, ketoembar, djintan en djahé voor een Oosters tintje aan het vlees. Of marineer met peper, zout, knoflook, oregano, tijm en olijfolie voor een meer mediterrane smaak. Is een dag van tevoren onhaalbaar voor jou? Doe het dan minimaal een uur voor het bakken. Zet de kip tijdens het marineren in de koelkast en haal hem kort voor het bakken eruit.

Stap 4: bakken

Tijd om te bakken! Gebruik een pan die goed heet kan worden, het liefst met een dikke bodem waarin de warmte goed geleid wordt. Zet de pan op het vuur en voeg pas boter of olie toe als de pan is opgewarmd. Laat de boter of olie goed heet worden en voeg dan de kipfilet toe. We willen natuurlijk allemaal een krokant en bruin korstje. Dat krijg je doordat de hete pan de kip dichtschroeit. Laat er dus eerst een korstje op komen en draai niet te snel om, dit kost zo’n 2 tot 3 minuten. Daarna laat de kip vanzelf los en is het tijd om de andere kant te bakken. Als daar ook een kostje is ontstaan, kun je het vuur laag zetten. Laat de kipfilet vervolgens aan elke kant nog zo’n 5 tot 6 minuten (afhankelijk van de dikte) garen. En een laatste tip: gebruik een tang voor het draaien en geen vork, want daarmee prik je de kip ‘lek’ en lopen alle sappen eruit.

Stap 5: nagaren

Als de kip eenmaal mooi krokant gebakken is, wil je natuurlijk het liefst zo snel mogelijk aan tafel. Maar wist je dat de kipfilet nog malser wordt als je hem laat nagaren? Wikkel de kip in aluminiumfolie en laat hem even rusten, net als met rood vlees. Op die manier blijven de sappen in het vlees en wordt het extra mals. Het resultaat: kip met een krokant jasje en malse binnenkant. Dat wordt smullen!

Ook lekker: Recept: makkelijke pulled kip taco’s

Wil je dit artikel bewaren? Pin ‘m dan op Pinterest!

Bron: Max Vandaag | Beeld: Pixabay